Het leed van de stoftor – Toon Tellegen

Het leed van de stoftor - Toon Tellegen

Goed: de stoftor bestaat dus niet, maar Tellegens stoftor woont op de maan en leidt daar een eenzaam en eentonig leven. Hij slaat het leven op aarde van een afstand gade en ziet hoe daar de dieren misschien niet altijd eendrachtig maar wel samenleven. Hij betrapt ze op hun dagelijkse bezigheden. Bezigheden die liefhebbers van de dierenverhalen van Toon Tellegen al uit eerdere romans en verhalen kennen.

Achterflap

De stoftor woont op de maan. Niemand weet van zijn bestaan. Ver weg ziet hij alle andere dieren. Op een dag roept hij zomaar door een toeter: ‘Het spijt me!’

De dieren horen hem en elk van hen denkt dat die woorden voor hem zijn bestemd. De neushoorn meent dat het nijlpaard het zei toen die op zijn tenen trapte, de beer gelooft dat hij het net zélf zei toen hij alle taarten had opgegeten, en de eendagsvlieg kijkt omhoog: ‘Bent u het die heeft bepaald dat ik maar één dag heb?’

Terwijl de woelrat vindt dat spijt nergens voor nodig is, net als kiespijn, jeuk en koude voeten, overweegt de stoftor te roepen: ‘Het spijt me dat ik heb geroepen dat het me spijt.’

 

Boekrecensie Het leed van de stoftor

Het mooie van de dierendingen die Toon Tellegen schrijft, is dat het de lezer vrij staat het verhalen, fabels of allegorieën te vinden. Het leed van de stoftor louter lezen als een verzameling dierenverhalen kan, maar dan doet de lezer zichzelf en de schrijver tekort.

Routineus lezen zou van de stoftor een zoveelste dier maken dat lijdt aan het leven (want bestaat er over de krekel, de egel, de olifant, de kikker en de sprinkhaan niet ook al een roman?). En dat terwijl de stoftor veel minder dan zijn voorgangers het centrale personage is en Toon Tellegen meer dan in die voorgaande romans verhalen en voorvallen verbindt, waardoor de dieren er een bewustzijnsniveau bij krijgen en hun leef- en belevingswereld een extra dimensie.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *